vul in: d of t

bed  

land  

hand  

kwijt  

draad  

tocht  

klant  

rest  

hout  

rijst  

olifant  

liefst  

plant  

maat  

nooit  

maand  

fluit  

band  

markt  

hoofd  

En nu in een zin

Marlies haalt haar paard   uit het hok.

Mijn beste vriend   heet Jan.

Het was niet mijn schuld   dat ik te laat   in de les was

De leraar haalt een landkaart   tevoorschijn.

doe het licht   eens aan.

Lust jij ook graag worst   .

Ze tennissen op het tennisveld   .

De band   van mijn fiets is stuk.

Ik lees elke dag de krant   .

Heb jij het reglement   gelezen?